Zeep
Van zeep maken word je blij! Wellicht is dit de allereerste keer dat je er mee aan de slag gaat, of
ben je juist een gevorderde zeepmaker die zijn horizon wat wil verbreden. Hoe ver je ook bent in
het leren van het zeep maken, het mooie ervan is dat je altijd kunt blijven experimenteren met
heerlijke recepten en mooie effecten voor je zeep. Er zijn geen grenzen aan je creativiteit!
In het kort komt het werken met gietzeep neer op de volgende punten:
- Smelt de zeep
- Voeg kleurstof, geurstof en andere toevoegsels toe
- Giet de gesmolten zeep in de gietvorm
- Laat afkoelen en haal de zeep uit de vorm.
Smelt de zeep
De gietzeep smelt bij ongeveer 60 °C. Voor de kwaliteit van de zeep is het het beste om de zeep niet warmer te maken dan noodzakelijk. Ook kunnen onze gietvormen een temperatuur van meer dan 65 °C niet verdragen. Tenslotte kan extreme oververhitting er toe leiden dat de zeep in brand vliegt! Om al deze nare dingen te voorkomen kan je de zeep het beste op een waterbad smelten. Die methode heet ook wel au bain Marie. Er zijn speciale waterbaden in de handel, maar het is heel eenvoudig om een waterbad te improviseren. Op het vuur zet je een grote pan met een paar centimeter water. Hierin zet je een kleinere pan, of bijvoorbeeld een vuurvaste maatbeker. De gietzeep snijd je in kleine blokken en doe je in de droge binnenste pan. Het water in de onderste pan kan niet warmer worden dan 100 °C, dan kookt het. Hierdoor kan de inhoud van de binnenste pan ook niet warmer worden dan 100 °C. Terwijl de zeep smelt kan je deze het beste goed roeren met een metalen lepel. Als de zeep bijna gesmolten is doe je het gas of je electrische fornuis uit.
Voeg kleurstof, geurstof en andere toevoegsels toe
Je kan nu kleurstoffen toevoegen. Als je oplosbare kleurstof toevoegt moet je deze eerst in zo weinig mogelijk water oplossen en vervolgens toevoegen. De zeep blijft dan doorschijnend. Pigmenten kan je gewoon toevoegen, maar zorg wel dat je deze zo fijn mogelijk maakt, bijvoorbeeld door ze eerst in een vijzel fijn te malen, of door ze door een theezeefje te zeven. In de gietzeep kan je ook andere zaken gieten, als knikkers, plastic poppetjes en dergelijke. Deze blijf je door de zeep heen zien. Gebruik hierbij wel je gezonde verstand! Scherpe dingen bijvoorbeeld kunnen tot ongelukken leiden bij gebruik. Kruiden, bloemen en bladeren moet je goed schoonmaken en ontsmetten door ze een minuut onder te dompelen in 70 % gedenatureerde alcohol. Als laatste voeg je de geurstof toe. Je kan hiervoor parfumolie of etherische olie gebruiken. Voeg per 100 gram zeep niet meer dan 1 ml geurstof toe.
Giet de gesmolten zeep in de gietvorm
Tenslotte kan je de zeep gieten. Als je er zeker van wilt zijn dat de zeep niet te heet is kan je het beste een geschikte thermometer gebruiken. Wacht tot de temperatuur onder de 70 °C is, de meeste vormen kunnen daar tegen. Je kan ook vormen van metaal gebruiken, al loop je bij aluminium vormen het risoco dat ze dof worden en dat er een grauw laagje op de zeep wordt afgezet.
Laat afkoelen en haal de zeep uit de vorm
Tenslotte moet je wachten tot de zeep is afgekoeld en gestold. Dat duurt een uurtje, tenzij je hele dikke lagen zeep hebt gegoten. Als de zeep hard is kan je deze uit de vorm halen. Soms is dat lastig, maar dan kan je de zeep een tijdje in de koelkast leggen, meestal lukt het dan wel.
Als laatste moet je de zeep in plastic luchtdicht verpakken. Gietzeep trekt vocht aan, soms staan de druppels op je zeep als ze in een vochtige omgeving bewaard worden. Als je de zeep dagelijks gebruikt hoef je dit overigens niet te doen.






